Er zijn van die problemen waar je niet uitkomt. Niet met je
verstand, en niet met je hart. Kwesties waarin ik -als iemand die
herder van Gods mensen probeer te zijn- alleen maar verliezers zie.
Wat ik vandaag op het nieuws zag is zo'n kwestie: protesterende
mensen tijdens de Eucharistieviering in Den Bosch.
In de krantenkolommen en op fora is al veel gezegd over de
verschillende standpunten die je daar over kunt hebben. Dus laat ik
daar maar even niets meer over zeggen. Eén van de dingen die we op
de universiteit leerden is dat je dit soort conflicten echt kunt
oplossen als je ingaat op wat mensen beweegt. Waarom zijn ze
gekrenkt, waarom verharden de standpunten zich?
Laat ik dan eerst maar zeggen wat ik pijnlijk vind. Het doet me
pijn om te zien dat de Heilige Mis een strijdtoneel wordt, in
plaats van een feest van geloof. Waar dat aan ligt doet er niet
toe, we zijn dan al te ver heen. Als ik op foto's zie dat 'roze
hosties' uitgedeeld worden, dan vind ik dat ook pijnlijk. Omdat de
Eucharistie voor mij meer is dan "een hostie" en de Communie meer
is dan "hosties uitdelen."
Dat is mijn eigen pijn, die ik zelf kan voelen. Maar het is de
kunst om ook de pijn van de ander te verstaan. Het is ongetwijfeld
pijnlijk om te zien dat je geen deel uit mag maken van iets waar je
wel bij wilt horen. Om het gevoel te hebben dat je niet welkom bent
in je eigen familie. Ik kan me niet voorstellen hoe dat
voelt.
Hoe lossen we het op? Laat ik alleen dit zeggen: het is
buitengewoon onplezierig om in ingezonden brieven en op fora
uitgemaakt te worden voor pedo. Het feit dat ik priester word is
voor sommigen al genoeg om me zo neer te zetten. Zo zal het ook
onplezierig zijn om uitgemaakt te worden voor relnicht. Zullen we
daar eerst mee ophouden? Dat lijkt me een goed begin voor een open
gesprek - als kinderen van dezelfde Vader.